Inleiding Mediation voor Verwijzer


Verwijzing handreiking voor (juridische) dienstverlenersMediation voor Verwijzer
Verwijzing handreiking voor
(juridische) dienstverleners
naar
bemiddelaar, mediator,
arbiter, geschillencommissie, klachtencommissie of rechter

mr.dr.drs. Michael Boelrijk

Amstelveen: ActUmail 2005
ISBN 978.90.78470.01.4
Te bestellen bij Actumail

1 Inleiding

Dit boek is geschreven met als uitgangspunt dat er niet één beste manier is van geschiloplossing. In elk geschil of conflict zal telkens weer onderzocht moeten worden waarmee de mensen het meest gebaat zijn. Zeker als iemand gevraagd wordt om te verwijzen is het goed om als verwijzer goed op de hoogte te zijn van de verschillende oplossingsmodaliteiten. De voordelen maar ook de nadelen van elke oplossingsmodaliteit mag men niet verzwijgen. Wat zou het prettig zijn als verwijzers handreikingen krijgen om een betere dat wil zeggen effectievere verwijzing te kunnen formuleren en voorkomen dat mensen-in-geschil van het kastje naar de muur worden gestuurd.

In dit hoofdstuk gaan we in op de gehanteerde begrippen: wat is bemiddeling en wanneer verdient een andere oplossingmodaliteit de voorkeur. Wat zijn de verschillen tussen bemiddeling en mediation? Is arbitrage en rechtspraak hetzelfde? Wat zijn de voordelen van zelf onderhandelen boven onderhandelen in mediation? We proberen op deze manier meer duidelijkheid te creëren voor de verwijzer en het lijdend onderwerp in conflict namelijk mensen-in-geschil.

Ook het lijdend voorwerp verdient nadere beschouwing: spreken we nu over conflict of gebruiken we de term geschil? Richten we ons op conflicthantering en conflictoplossing of doen we aan geschilbeslechting? Een uitstapje naar het woordenboek der Nederlandse taal leert dat een conflict bestaat uit een verschil van mening, botsing, strijd. Bij geschil lezen we dat er een verschil, twist of onenigheid tussen twee partijen bestaat. Het lijkt er op dat een geschil meer algemeen van aard is en een conflict al is geëscaleerd tot strijd. We zullen in dit boek het begrip geschil gebruiken als algemeen begrip. Van conflict zullen we alleen spreken wanneer het gaat om een geschil dat is geëscaleerd of zich heeft verhard. Daarbij gebruiken we enkele verhardingscriteria voor het geschil.

Dagelijks voert u grote of kleine onderhandelingen met de mensen in de directe omgeving over grote en kleine keuzes. Wanneer u iets wilt bereiken of een einde wilt maken aan een ongewenste toestand vormen onderhandelingen de geijkte manier om onderling een oplossing te bereiken. Is er echter een geschil waar de onderhandelingspartners niet uitkomen, dan heeft het onderhandelingsproces in deze situatie gefaald. Partners hadden wel de intentie er uit te komen, maar het is niet gelukt: het geschil is daar. In die gevallen is het raadzaam een derde in te schakelen die of in de onderhandeling terzijde staat of een oordeel geeft. De verwijzer kan men vragen welke derde het best het geschil kan helpen oplossen. Het kan zijn dat de verwijzer van mening is dat het best op de psyche van één of beider partijen een interventie kan worden toegepast. De verwijzing luidt dan ga naar een coach, therapeut of trainer. Verwijzing naar een ingrijpen in de beleving, emotie en dus de psyche van mensen-in-geschil bespreken wij hier welbewust niet verder. Dit boek is geschreven met als doel om een handreiking te geven voor een verwijzing naar een externe interventie in het geschil.

Mensen-in-geschil
Conflicten draaien altijd om een geschil dat zich tussen twee of meer partijen afspeelt. Bij de ontwikkeling van een conflict zien we dat geschillen zich zo ver ontwikkelen dat mensen-in-geschil er zelf niet meer uitkomen en een ander, bijvoorbeeld de rechter, er aan te pas moet komen om knopen door te hakken. In grote lijnen kan men zeggen dat mensen-in-geschil er zelf uit willen komen en dan kunnen kiezen uit onderhandelen, bemiddelen of mediation. Als mensen onvoldoende capaciteiten hebben er zelf uit te komen kan men de oplossing ook uitbesteden aan de arbiter, klachtencommissie of rechter. Voor deze vorm is dan meestal wel juridische bijstand nodig aangezien mensen zelf niet vaardig zijn om het juridiseringproces in goede banen te leiden. WE beschouwen in deze paragraaf het onderscheid vanuit de beleving en intenties van de mensen-in-geschil. In de volgende paragraaf benaderen we het onderscheid vanuit het perspectief van de ingeschakelde derde. Het gaat dan dus om de gewenste toe te passen methoden en regels en noemen het inhoud versus proces.

Een derde
Heeft iemand ruzie met zijn collega dan kan wellicht een andere collega of de teamleider optreden als bemiddelaar. Maar wanneer deze bemiddelaar in spé bevriend is met de collega in het geschil, zal hij veelal niet als een acceptabele bemiddelaar worden gezien. Het is dan raadzaam een ander te kiezen of mediation voor te stellen.

Het domein van bemiddeling is echter niet beperkt tot geschillen die hoog opgelopen zijn. Ook in eenvoudige geschillen kan bemiddeling soelaas bieden. Bij voorbeeld als twee collega’s een meningsverschil hebben kan een derde collega proberen te bemiddelen. Hebben buren ruzie over een boom naast de schutting dan kan bemiddeling een goed alternatief zijn voor de gang naar gemeente, politiebureau of verder.

Maar ook in geschillen tussen een werkgever en werknemer is het zinnig dat een conflict niet escaleert en snel tot een oplossing wordt gebracht. Hetzelfde kunnen we zeggen van verschillen van mening tussen bijvoorbeeld een huurder en de huiseigenaar, tussen een bewonersgroep en de gemeente, tussen een consument en de leverancier of tussen twee concurrerende bedrijven of het bedrijfsleven en de overheid.

In het algemeen gaan we er van uit dat bemiddeling zich richt op geschillen waar twee partijen bij betrokken zijn. Dergelijke geschillen zijn meestal overzichtelijk genoeg om bemiddeling kans van slagen te geven. Maar ook waar meer dan twee partijen in een geschil betrokken zijn kan bemiddeling uitkomst bieden. Wanneer de buurt vreest voor overlast omdat er een instelling voor verslavingszorg wordt gevestigd zijn er al drie partijen: bewoners, de instelling voor verslavingszorg en de gemeente. Wanneer het beoogde pand van vestiging niet van de gemeente is vormt de eigenaar de vierde partij. Bemiddelen tussen meer partijen is bepaald moeilijker dan wanneer het om twee partijen gaat, maar mogelijk is het zeker. Ook de behoefte aan een formele afdoening, in een schriftelijke overeenkomst, zal groeien naarmate het aantal partijen groter en het geschil gecompliceerder is.

Onderling een oplossing
Essentieel om te kunnen bemiddelen of mediation toe te passen is dat partijen de wil hebben het geschil onderling op te lossen. Partijen hebben daarin de vrije keuze.

Het kan gebeuren dat partijen vol goede moed met de bemiddelingspoging beginnen en dat een van hen afhaakt alvorens er een oplossing is bereikt. Afhaken tijdens het bemiddelingsproces komt voor en kan verschillende oorzaken hebben. Voelt een partij zich niet (meer) gelijkwaardig aan de ander dan kan het vertrouwen in de bemiddeling verdwijnen. Dat is ook het geval wanneer een partij meent dat de bemiddeling minder oplevert dan een gang naar de rechter. Wanneer een van beiden verkiest het geschil aan de rechter voor te leggen vervalt de mogelijkheid via bemiddeling tot een vergelijk te komen. Mediation is daarentegen met wat extra investeringen ook een optie na de start van de rechterlijke procedure.

Ook kunnen partijen na de eerste gesprekken besluiten te berusten in de situatie, bijvoorbeeld omdat zij vinden dat de tijd en energie die de bemiddeling of mediation vergt in geen verhouding staan tot de last die zij ondervinden van het geschil. Zij verkiezen dan het geschil te laten voor wat het is.

Ook de bemiddelaar moet steeds goed in de gaten houden of beide partijen bereid zijn hun geschil onderling op te lossen. Is die bereidheid verdwenen, dan valt er voor de bemiddelaar niets meer te doen.

Onderhandelen doe je met elkaar; een derde is daar niet bij nodig. Pas als je er samen niet uit komt en je wenst er niet in te berusten dat je via onderhandelen geen oplossing kan bereiken, schakel je een derde in. De varianten die dan aan bod komen zijn mediation, bemiddeling, arbitrage en de rechtsgang.[1]

Inhoud versus proces
Het onderscheid tussen inhoud en proces lijkt een belangrijk instrument om te verhelderen en af te bakenen waar we het precies over hebben en wat partijen kunnen verwachten wanneer zij beginnen aan een poging tot bemiddeling, mediation, arbitrage of rechtspraak. Voor een antwoord op de vraag welke nadruk er ligt op de inhoud dan wel op het proces, nemen we als uitgangspunt vijf oplossingmodaliteiten van onderhandelen tot de rechtsgang.

Om te beginnen gaan we na hoe het in deze verschillende varianten gesteld is met inhoud en proces.

Bemiddeling, een terreinverkenning en afbakening
Voor de verkenning van het terrein nemen we bemiddeling in algemene zin als uitgangspunt. Die keuze is welbewust gemaakt omdat daarmee de omvang van het terrein wordt aangeduid. Bemiddeling wordt toegepast bij uiteenlopende geschillen als een ruzie tussen bedrijven over de naleving van een overeenkomst, een ophanden zijnde ontslag, meningsverschillen tussen collega’s op een afdeling, herstel van wat door een misdrijf is aangericht. Deze verschillende situaties vragen om verschillende aanpak. Hoezeer de aanpak echter ook verschilt, iedere vorm van geschil heeft een aantal vergelijkbare kenmerken.

We zullen eerst aangeven wat we onder bemiddeling verstaan en wanneer sprake is van mediation: wanneer passen we bemiddeling toe en in welke situaties zijn andere vormen van oplossingmodaliteit aan de orde?

Duidelijkheid over wat de voor en nadelen zijn van een bepaalde oplossing moet vooral ook bestaan bij de mensen-in-geschil. Zij hebben er als eersten belang bij te weten waar een bepaalde stap toe kan leiden, welke de consequenties zijn. Als verwijzer ben je in staat hen dat duidelijk te maken. Als verwijzer ben je ook in staat te bewerkstelligen dat de partijen weten waar zij aan toe zijn en niet voor verrassingen komen te staan.

Om te beginnen geven we hier vast een summiere typering van bemiddeling en mediation.

Bemiddeling omvat alle activiteiten die er op zijn gericht een geschil tussen twee of meer

partijen tot een oplossing te brengen met de hulp van een onafhankelijke, onpartijdige derde.

Mediation is een specifieke vorm van bemiddeling waarbij een standaard procedure wordt gehanteerd die met name voor juridische geschillen van belang is.

Bemiddeling in algemene zin kent niet de duidelijke structuur en afbakening van mediation. Het is een algemeen begrip dat duidt op een derde die betrokken wordt in situaties waar onderhandelingen dreigen vast te lopen of al vastgelopen zijn. Hoewel bemiddeling het minst duidelijk is afgebakend valt uit het gebruik van het begrip af te leiden dat het om meer gaat dan bij mediation het geval is. Bemiddelaars komen tussenbeide waar partijen vastlopen. Zij gaan na wat beide partijen vinden en willen. Op grond daarvan zullen bemiddelaars veelal een voorstel formuleren dat zij voorleggen aan de partijen. De partijen hebben de mogelijkheid het voorstel van de bemiddelaar te accepteren, te verwerpen of aanpassingen voor te stellen.[2] De uitkomst is ongewis. Het hangt in belangrijke mate af van de kwaliteiten van de bemiddelaar of zijn voorstel wordt geaccepteerd en partijen weer samen verder kunnen. Bemiddeling is tamelijk onbegrensd.

Zo bemiddeling al geen kerntaak is, zal het als activiteit regelmatig in de beroepsuitoefening plaatsvinden. Bemiddeling is weliswaar, zeker in vergelijking met mediation, methodisch niet sterk onderbouwd; wel is duidelijk dat het gaat om een vorm van tussenkomst in geschillen die zowel op de inhoud als het proces is gericht. Bij bemiddeling gaat het er om dat een inhoudelijke oplossing voor het geschil wordt bereikt. Daarbij blijft in het midden of partijen die oplossing zelf bereiken of dat de bemiddelaar een oplossing aandraagt. De bemiddelaar stuurt het proces van onderhandelen zodanig dat een oplossing van het geschil binnen bereik komt. Hierin kan de bemiddelaar kiezen voor alle denkbare varianten, variërend van partijen zoveel mogelijk zelf laten onderhandelen tot partijen ieder afzonderlijk horen en pas later of helemaal geen gezamenlijke bijeenkomst beleggen.

Mediation
De volgende stap in de terreinverkenning is die naar mediation.

Mediation valt onder het brede terrein van bemiddeling, maar neemt daar een bijzondere plaats in omdat het moet voldoen aan de criteria die door het Nederlands Mediation Instituut (NMI) zijn opgesteld. Opgericht in 1995 tracht dit instituut de kwaliteit van mediation en mediators te bewaken en houdt een register bij van mediators. De term mediator gebruiken we daarom verder voor de bemiddelaar die zich door zijn registratie bij het NMI verplicht de regels van dit instituut na te leven.

De omschrijving die het NMI in 1999 geeft van mediation luidt: het gezamenlijk oplossen van een geschil door bemiddeling. Hier wordt bemiddeling gezien als de weg waarlangs een mediationproces verloopt: met behulp van bemiddeling wordt een oplossing van een geschil bewerkstelligd. De omschrijving van het NMI heeft de charme van de eenvoud en beknoptheid, maar vraagt daarmee wel om toelichting.

Over de mediator wordt opgemerkt dat deze geen standpunt inneemt, maar partijen helpt een eigen oplossing te vinden. Daarmee geeft het NMI het belang aan van de onafhankelijkheid van de mediator en verwijst naar de methode die er op is gericht dat partijen zelf de oplossing bereiken.

De methodiek van mediation is geheel gericht op het proces van onderhandelen. Bij onderhandelingen gaat het vooral om de inhoud, maar duidelijk is wel dat het proces van onderhandelen een betekenisvolle rol speelt. Gaat het mis in het proces tussen partijen (begrijpen zij elkaar verkeerd, bijvoorbeeld, of krijgen ze ruzie) dan heeft de mediator als gespreksleider tot taak het gesprek weer behoorlijk te laten verlopen.

Het beeld dat wel wordt gebruikt voor de mediator is dat dit iemand is die achteroverleunt en partijen met elkaar laat praten. Dit beeld is weliswaar een karikatuur, maar het geeft wel duidelijk weer dat een goede mediator zich niet inlaat met de inhoud van de onderhandelingen.

Bemiddeling versus mediation
Terreinverkenning
Van zowel bemiddeling als mediation bestaan veel verschillende omschrijvingen. Een aantal daarvan laten we hier de revue passeren. Daarbij richten we de blik om te beginnen op bemiddeling. Als dat begrip verkend en afgebakend is, zetten we de stap naar mediation.

In ieder geval staan bij bemiddeling en mediation drie elementen centraal:

* het gaat om partijen die een geschil (of een conflict) hebben

* waarin zij onderling een oplossing willen bereiken en

* waarbij zij een derde inschakelen om te helpen een oplossing te vinden.

Bemiddeling neemt een belangrijke plaats in binnen literatuur over conflicthantering. Kern van de omschrijving van bemiddeling is dat het gaat om een methode waarbij een derde tracht de partijen tot een aanvaardbaar compromis te brengen. De manier waarop de bemiddelaar (de derde partij) dit doel tracht te verwezenlijken is door de partijen te helpen zelf tot een oplossing te komen. Dit wordt ook wel procesbegeleiding genoemd: als bemiddelaar richt je je op het proces van onderhandelen, daar bied je partijen ondersteuning. De inhoud van het geschil behoort toe aan partijen zelf; zij zijn eigenaar van het geschil. Er zijn verschillende methoden om te bemiddelen.

In veel literatuur komen we zowel de term bemiddeling als mediation tegen, zonder dat de auteurs veel aandacht besteden aan de motieven die aan de keuze voor een of beide begrippen ten grondslag liggen. Wanneer het begrip mediation wordt gebruikt is dat veelal het gevolg van de belangstelling voor de ontwikkelingen op dit gebied in de Verenigde Staten. Wordt bemiddeling gebruikt dan lijkt dat soms een poging het Engelse begrip mediation te vertalen, terwijl het in andere gevallen de bedoeling is een breder werkgebied aan te duiden. In dat geval is mediation onderdeel van een groter aantal dienstverlenende activiteiten die allen onder de paraplu van bemiddeling zijn onder te brengen.

Functietitel derden
Mediator
De publieke belangstelling voor mediation is nog betrekkelijk nieuw. Het is dan ook niet verwonderlijk dat er gemakkelijk verwarring ontstaat over de vraag wat mediation nu precies inhoudt en waar de grens ligt met andere vormen van geschilbeslechting. Arendsen de Wolff (1997) doet een poging op inhoudelijke gronden klaarheid te brengen en werpt de vraag op of er verschil bestaat tussen mediation en bemiddeling. In essentie komt het er op neer dat een mediator zich vrijwel uitsluitend richt op het proces van onderhandelen en dat hij dit doet op een gestructureerde manier volgens omschreven procedurele regels. De mediator is gericht op de belangen van de partijen en niet op de standpunten die partijen innemen.

Bemiddelaar
De bemiddelaar hoeft de procedurele regels niet beslist te volgen. Daarmee heeft de bemiddelaar in beginsel een actievere rol dan de mediator. Een bemiddelaar zal niet schromen druk uit te oefenen op partijen als hem dat goed dunkt. Een mediator zal dat zeker niet doen; de autonomie van partijen staat voorop en elke suggestie voor een oplossing van het geschil, laat staan druk uitoefenen, staat haaks op de opvatting over mediation en de rol van de mediator. Het komt neer op de vraag of je als bemiddelaar uitsluitend als gespreksleider optreedt en dus faciliteert of dat je ook inhoudelijk ingaat op de discussiepunten en dus evalueert. Wij zullen in het hoofdstuk over mediation naast rechtspraak nader ingaan op het verschil tussen een bemiddelaar en een geschakelde mediator.

Advocaat – bemiddelaar
Bemiddeling bij omgangsregelingen in het kader van echtscheiding is een variant waar inhoud en proces sterk met elkaar verweven zijn. Hier wordt consequent gesproken van bemiddeling en de omschrijving luidt dat het gaat om een gestructureerd, doelgericht proces dat is gebaseerd op probleemoplossingtechnieken. Hoewel bemiddeling hier primair als een proces is betiteld doen de technieken van probleemoplossing vermoeden dat de inhoud toch ook een rol van betekenis speelt. Die indruk wordt versterkt wanneer auteurs stellen dat de bemiddelaars verantwoordelijk zijn voor het welslagen van de onderhandelingen tussen de beide ouders die moeten leiden tot een goed lopende omgangsregeling. De vereniging van advocaat-scheidingsbemiddelaars (FVAS) bepleit een dergelijke sturende rol. De advocaat begeleidt dus niet alleen het proces maar stuurt ook inhoudelijk op de conflictoplossing. In deze vorm van bemiddeling voert de juridische inzichten van de advocaat dan de boventoon. In onze opvatting is elk juridisch inzicht discutabel. Men dient zich dus af te vragen of de advocaat -scheidingsbemiddelaar zo doende niet op de stoel van de rechter gaat zitten. Een advocaat – bemiddelaar verenigt twee wezenlijk verschillende rollen.

Advocaten zijn bij uitstek geschikt om formalisering en juridisering van geschillen te bewerkstelligen. Dat is voor sommige vormen van conflictoplossing een nuttige kwaliteit. Wij achten het van belang dat wel mensen-in-geschil altijd vooraf op de hoogte moeten worden gebracht van deze vorm van dienstverlening. Belangrijk is om inzichtelijk te maken welke voordelen en nadelen er kleven aan conflictoplossing door een advocaat, ook als deze optreedt als bemiddelaar.

Arbitrage
Arbitrage is een gereglementeerde vorm van beoordeling door een derde die inhoudelijk deskundig wordt geacht. In de artikelen 1020 tot en met 1076 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering staat nauwkeurig omschreven welke rechtsgevolgen arbitrage heeft. Partijen zijn vrij in de beslissing hun geschil al dan niet aan een arbiter voor te leggen en wie zij als arbiter benoemen. Als zij echter kiezen voor arbitrage dan leggen zij zich vooraf vast dat zij het vonnis van de arbiter zullen accepteren en respecteren. In veel gevallen wordt een arbitrage afgesloten met het vastleggen van een schikking in het arbitraal vonnis ex artikel 1069 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Arbitrage is niet gericht op het proces tussen de twee partijen in het geschil; de arbiter buigt zich slechts over de inhoud en doet daar een uitspraak over.

Rechtsgang
Ook voor de rechter geldt dat zijn werkzaamheden niet zijn gericht op het de relatie en het proces tussen partijen. De rechter doet slechts een uitspraak over het verleden in zijn oordeel over de opgebouwde rechten. Als een geschil aan de rechtbank wordt voorgelegd zijn partijen nog slechts geïnteresseerd in een inhoudelijke oplossing. Het proces van onderhandelen en de relatie tussen partijen zijn niet meer van belang. De communicatie is gent op de inhoud van de twist.

Mediation naast Rechtspraak
Velen presenteren mediation als alternatief voor procederen. Het heet in het Engels Alternative Dispute Resolution kortweg ADR. Met deze definiëring gaat men er van uit dat de oplossing ligt buiten het juridische kader van procederen. Het is dan een alternatief voor procederen. Wij kiezen liever voor de uitwijding van ADR als Appropriate Dispute Resolution. Het gaat immers om de meest geëigende conflictoplossingmodaliteit op een bepaald moment. Met deze definiëring kan het op enig moment procederen ook een goede functie hebben. In de beleidsbrief van de minister van Justitie komt het belang van goede positionering van mediation binnen het rechtsbestel ook tot uitdrukking.[3]

Belangrijk is op te merken dat de Minister Donner in ieder geval ook geïnteresseerd is om met mediation de rechter te ontlasten. Wij bepleiten al enige jaren integratie van beide modaliteiten. Het is niet zoals velen stellen, dat procederen en mediation in twee afzonderlijke kantoren plaatsvinden die geïsoleerd zouden moeten zijn van de andere realiteit. Wenselijker en productiever is het om mediation en rechtspraak als nevenschikkende kwaliteiten ter oplossing van problemen in te zetten.

Mediation is de onderhandelingen over invulling van belangen voor de toekomst. Procederen is het strategisch effectief vaststellen van standpunten uit het verleden. Bij mediation houden betrokkenen zelf de controle over de oplossing terwijl partijen de oplossing in het kader van rechtspraak uit handen geven. Uit ervaring weten we dat mensen in conflict altijd met één been in de juridische vechtarena staan en de andere onder de onderhandelingstafel schuiven. Dat wil zeggen dat het nuttig is welbewust met de impact van het andere systeem rekening te houden. Dus bij procedures rekening houden met de kracht van mediation en bij mediation de juridisch kaders in de gaten houden.

Verzuiling
Inmiddels hebben rechters bepaald dat zij alleen met gecertificeerde mediators samenwerken. Het komt er nu op neer dat je mensen hebt die bemiddelen. Menig bemiddelaar noemt zich mediator om mee te liften op de hype van mediation. NMI-mediators zijn aangesloten bij de landelijke beroepsorganisatie, ze zijn geregistreerd. Gecertificeerde mediators zijn door het internationale certificeringbureau getoetst op vakbekwaamheid. De certificering heeft een geldigheid van drie jaar. Certificering biedt een indicatie dat de geregistreerde mediators ook daadwerkelijk de noodzakelijke praktijkervaring bezitten. Een ander belangrijk element is dat deze gecertificeerde mediators de zelfstandig verrichte mediationzaken door middel van verplichte jaarlijkse bijscholing hebben omgezet in werkelijke praktische vaardigheden.

Ook de laatste jaren, we schrijven 2005, is er geen duidelijkheid gekomen over de eigenheid van mediation. Nederland is van oudsher goed in verzuiling. Er bestaan inmiddels 20 verschillende mediation beroepsorganisaties. Naast het Nederlands Mediation Instituut staat het Amsterdams Centrum voor het Bedrijfsleven. Ook de Nederlandse Mediators Vereniging vertegenwoordigt een groot aantal mediators. Daarnaast zijn er vele sectorale mediator organisaties die zich groeperen rond een andere entiteit zoals advocatuur (Nederlandse vereniging van MediationAdvocaten), notariaat of accountancy. Er zijn organisaties die bepleiten dat de mediator niet alleen de taal spreekt van een bepaalde conflictarena maar ook inhoudelijk deskundig is. Zo zijn er mediators voor de bouw, gezondheidzorg, onderwijs, de belastingdienst en ga zo maar door.

Wij vermoeden dat voor deze materiedeskundigen de valkuil van inhoudelijke invloed levensgroot is. In deze sfeer opereren ook de mediators die er niet voor terugdeinzen om na een mislukte mediation over te schakelen naar een inhoudelijke beïnvloeding als arbiter. Zoals gezegd bepleiten wij in ieder geval voor duidelijkheid over de dienstverlening. Ook de overheid zelf biedt niet veel duidelijkheid. Elke (semi)overheidsdienst heeft op zijn decentrale niveau een eigen mediationproject. Binnen de rechtsspraak is het al niet veel beter. Helaas moeten we constateren dat het juridisch loket, de raden voor rechtsbijstand en het landelijk bureau mediation naast rechtspraak (een bureau binnen de rechtsprekende macht) niet optimaal op elkaar zijn afgestemd en veelvuldig langs elkaar heen functioneren.

Uitleiding
In de volgende hoofdstukken zullen we de voor en nadelen van mediation aangeven. In een poging inzicht te geven in de eigenheid van mediation maken we eerst een uitstapje naar de beschrijving van historische bemiddelingspogingen en bemiddelaars. Dit zijn goedwillende mensen geweest die zich echter niet hielden aan de regels voor een potentieel succesvolle mediation.

Vervolgens zullen we een vergelijking maken tussen procederen en mediation. Daarna betogen we de wederzijdse doorverwijzing. We bieden een gedachtekader voor overstappen van het ene naar het andere systeem. Het ultieme belang is dat mensen-in-geschil continue duidelijkheid en inzicht heeft over de voor en nadelen van de verschillende professionele stappen die juristen denken te moeten nemen. In onze beleving kunnen mensen een klankbord goed gebruiken om de voordelen en nadelen van een bepaalde oplossingsmodaliteit tegen elkaar te kunnen afwegen.

De oplossingsproductiviteit neemt waarschijnlijk toe naar de mate dat men voorafgaand aan het procederen een weloverwogen strategie bepaald. ADR, appropriate dispute resolution biedt met zijn spectrum aan conflictoplossingmodaliteiten een goed referentiekader. Wat ons betreft moet de titel van dit handboek Mediation voor Verwijzers dan ook gelezen worden als handreiking of mediation wel de beste oplossingsmodaliteit is in het concrete conflict. Soms lossen mensen het zelf op, eventueel met de hulp van een bemiddelaar of mediator. En soms stappen mensen naar de arbiter of rechter. Alle oplossingmodaliteiten zijn het overwegen waar zolang mensen-in-geschil maar weten waar ze voor kiezen.

[1] De gang naar een vertrouwenspersoon en de mogelijkheid van bindend advies laten we hier buiten beschouwing. Een vertrouwenspersoon is geen bemiddelaar en bindend advies is niet veel anders dan arbitrage.

[2] Advocaten willen zich de rol van bemiddelaar wel eigen maken en betogen dan dat zij niet graag procederen, maar trachten zaken te schikken. Het risico bestaat dan dat de advocaten over de hoofden van hun cliënten een schikking treffen.

[3] Beleidsbrief Minister van Justitie aan de Tweede Kamer, “mediation en het rechtsbestel”, 19 april 2004.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s